NJCM reageert op het wetsvoorstel online aangejaagde openbare-ordeverstoring

De werkgroep Staats- en Bestuursrecht van het Nederlands Juristen Comité voor de Mensenrechten (NJCM) heeft een reactie ingediend op de internetconsultatie voor de Wet online aangejaagde openbare-ordeverstoring. Dit wetsvoorstel beoogt de burgemeester een nieuwe bevoegdheid te geven, namelijk de bevoegdheid om een verwijderbevel op te leggen aan plaatsers van online berichten waardoor de openbare orde wordt verstoord of waardoor ernstige vrees bestaat voor het ontstaan daarvan.

Het NJCM acht dit wetsvoorstel onwenselijk, om twee redenen: 

  1. Te vage, brede normstelling – Het voorgestelde verwijderbevel kan een inbreuk vormen op verschillende grondrechten, zoals de vrijheid van meningsuiting. Daarvoor is een voldoende heldere normstelling vereist. De formulering “waardoor de openbare orde wordt verstoord of waardoor ernstige vrees bestaat voor het ontstaan daarvan” is te vaag en breed. Het zou beter zijn om aan te sluiten bij de striktere voorwaarde van “ernstige wanordelijkheden” uit artikel 175 Gemeentewet, die in overeenstemming is met de grondwettelijke en mensenrechtelijke beperkingssystematiek.
  2. Gebrekkige onderbouwing van nut, noodzaak en uitvoerbaarheid – Het NJCM plaatst vraagtekens bij de effectiviteit en uitvoerbaarheid van het voorgestelde verwijderbevel, dat een bericht kan doen verdwijnen maar niet kan voorkomen dat het opnieuw geplaatst wordt. Deze en andere onduidelijkheden maken dat de onderbouwing van het wetsvoorstel onvoldoende aantoont waarom dit voorstel voldoende noodzakelijk, geschikt en proportioneel is om de ingrijpende inbreuk op grondrechten te rechtvaardigen. 

Zonder duidelijk toetsbare criteria en een overtuigende onderbouwing bestaat er een reëel risico op disproportioneel dan wel willekeurig ingrijpen. 

De volledige reactie van het NJCM is hier te lezen.